
2 juli 2001
Opa Bonny is een oud Steurtje die al jaren in Panti Werdha woont (Tehuis voor ouden van dagen van Pa van der Steur). In dit tehuis heeft hij Oma Lieke leren kennen. Het was liefde op het eerste gezicht en drie jaar geleden zijn ze getrouwd.
Heel vroeg in de ochtend wandel ik naar Panti Werdha. Opa Bonny zit in het zonnetje de krant te lezen. Hij ziet er gezond uit. Als ik hem een compliment maak, klaagt hij dat hij zich niet goed voelt. Zijn bloeddruk is te hoog. Als een rasechte dokter adviseer ik om minder zout te eten. "De keuken wil best zoutarm koken" zegt hij, "maar dan worden de andere oudjes heel boos omdat het eten zo flauw is". Ik vraag aan de keuken om voortaan zoutarm te koken en zoutvaatjes op tafel te zetten.
4 juli 2001
Vannacht is opa Bonny gestorven. Ik kan het haast niet geloven. Sehono en Christien die de leiding hebben in Panti Werdha zijn midden in de nacht door oma Lieke wakker gemaakt omdat haar man het zo benauwd had. Sehono besluit opa Bonny naar het ziekenhuis te brengen dat 1 km verwijderd is van Panti Werdha. Er moet een ambulance komen.
In het ziekenhuis hebben ze ambulances genoeg, maar geen chauffeur. Sehono mag de ambulance zelf besturen als hij dat wil. Hij heeft geen rijbewijs maar heeft ettelijke rondjes gereden op het terrein van Pondok Gede. Sehono aarzelt geen moment. Gaat op de fiets naar het ziekenhuis, neemt de ambulance sleutels in ontvangst en binnen een mum van tijd is hij op weg om opa Bonny op te halen. Gelukkig is het doodstil op de weg.
Opa Bonny heeft het nog steeds benauwd. Voordat hij van zijn bed opstaat bid hij tot God "Heer als u mij wilt halen dan ben ik er klaar voor". Iedereen om hem heen bid mee. Voorzichtig wordt hij in de ambulance geholpen.. In het ziekenhuis krijgt hij zuurstof toegediend. Zijn toestand verergert met de minuut. Hij had nog tijd om afscheid te nemen van oma Lieke. Als een kaarsvlammetje dat hoe langer hoe kleiner wordt doofde het levensvlammetje van opa Bonny.
5 juli 2001
Vandaag heb ik een afspraak met Iwan Koesnindar, een ouwe buurvriend uit de tijd dat ik nog in Indonesia woonde. Iwan is tuinarchitect. Ik vraag Noes die van de landbouw is, om ook te komen. Aan beiden vraag ik of ze ideeen hebben om een prachtige siertuin te maken in Panti Werdha.
De oma's en opa's zitten net te eten als we in Panti Werdha aankomen. Ze zitten allemaal aan een eigen tafeltje in verschillende hoekjes van de eetkamer. Doelloos staren ze voor zich uit.
Als ze klaar zijn met eten maken Iwan, Noes en ik van al die aparte tafeltjes één lange tafel. Ik zeg tegen Christien dat ze voortaan aan deze lange tafel moeten eten. Dat zal hun tenminste dwingen om met elkaar te praten.
Er is niemand die de oma's en opa's bezig houdt. Christien heeft het te druk. De oudjes hangen van verveling rond wachtend totdat het hun tijd is om naar de hemel te gaan!
's avonds krijg ik een briljant idee. Nana...! Nana, die Pap maandenlang heeft verzorgd als verpleegster en nu zonder baan zit. Nana kan Christien helpen in Panti Werdha. Zij kan de oudjes bezig houden. We moeten haar wel ideeen geven. Ze moet in elk geval elke ochtend met de oudjes zingen. To give them spirit! Ik stuur tegelijk een e-mail naar Sri in Amerika. Als arts zal ze wel boordevol ideeen zitten. De volgende dag al krijg ik een e-mail terug. Met ideeen!
© 2002 - www.pavandersteur.org - Alle rechten voorbehouden